Chitwan National Park
Beste vrienden en volgers,
Het Bahari Jungle Resort is een heerlijk oord. Voor mij geen veertig maagden in het paradijs, geef mij maar één enkel eeuwigheidje in het Bahari. Mr Jitu is onze gastheer, en steun en toeverlaat deze dag. En de uitgebreide staf is niets teveel om ons te verwennen. Het Resort ligt naast het uitgebreide Chitwan National Park, een paar honderd vierkante kilometer jungle met bijbehorend inventaris van wilde beesten en vooral vogels. Chitwan komt van Chit (hart) en Wan (bos). Heart of the Forest!
Het was vroeger koninklijk jachtterrein, nu nationaal park, en bewaakt door het leger. Er wordt hier niet gestroopt.
We hebben een drukke, maar heerlijke dag. Om half acht voor het ontbijt treden we aan voor een tocht per Jeep door de jungle. Onze chauffeur kent de elke kronkel van elk zandpad hier, en Jitu is expert op het gebied van de beesten en vogels. Het oerwoud ligt verscholen in de mist, en ontwaakt langzaam als de zon hoger naar het zenit kruipt.
We rijden door metershoog olifantengras met mooie paarse pluimen, en langs enorme oerwoudbomen met apen. Er is een verbluffende hoeveelheid leven te zien en we kijken onze ogen uit. Je komt niet elke dag oog in oog met een neushoorn met jong.
Als verrassing krijgen we een eenvoudig doch voedzaam kampeerontbijt aangeboden, zittend op een balkje met wijd uitzicht over de rivier.
Vervolgens mogen we een olifant voeren met olifantensandwiches: een rol gras met daarin verstopt wat rijst, kikkererwten en molasse. De jongedame is pas zeven en weegt nog geen twee ton. Als ze groot is mag ze het oerwoud in met toeristen op haar rug. Maar eerst moet ze naar school, om het uitvoeren van 25 verschillende instructies aan te leren. Maar slim is ze wel. Een rol gras zonder iets erin wordt gewoon weer uitgespuugd.
Na de lunch (de bekende Nepalese tali) gaan we het water op met een soort punter om watervogels te kijken. We komen tot meer dan veertig verschillende soorten, dankzij de scherpe ogen van Jitu. Plus een paar krokodillen en zowaar nog een enorme mannetjesneushoorn.
Net als we ons afvragen hoe we weer bij de lodge stroomopwaarts kunnen komen, worden we de kant op getroond, waar de staf klaar staat voor een borreluur met uitzicht op de rivieroever en ondergaande zon.
‘s Avonds is er een collega van Jitu die een leuke lezing met dia’s geeft over het oerwoud. Een niet te stuiten enthousiaste spraakwaterval. We laten ons door Jitu verleiden om nog een wandelingetje te maken voor het diner, maar we worden weer gefopt. We komen terecht op een ruime patio, met houtvuur en vele lichtjes voor een romantisch soupeetje voor ons tweetjes.
Het enige wat ons hartje nog begeert is om op een olifant rijden. Maar dat komt morgen.


Is foto 1 een ibis? En als foto 7 halsbandparkieten toont, vraag dan eens of ze die van ons terug willen?
BeantwoordenVerwijderen